|
|
Algemeen
Naam: Rimpfischhorn
Hoogte: 4199 meter
Datum geklommen: 30-6-2006
Route: Noord-westwand (D)
Aantal hoogtemeters tot aan top: 1000
Weer: Mooi weer en warm
Overzichtsfoto
Verhaal beklimming
Als eerste tour van zomer 2006 gingen Nico en ik richting Taschhutte, om daarboven een bivak te maken aan de voet van de gletsjer. Met volle bepakking sjokken we dan ook met onze mp3's zo'n drie a vier uur omhoog.
De volgende ochtend zou nog redelijk weer worden, maar vanaf 's avonds 8 uur regent/sneeuwt en omweert het in de omgeving. We besluiten de wekker gewoon om drie uur te zetten, om dan het weer even aan te kijken.
Als ik de volgende ochtend om drie uur een blik werp zie ik boven de Obergabelhorn, Zinalrothorn en Weisshorn veel wolken hangen, bij de Alphubel zie ik vaag wat sterren en snel meld ik Nico dit.
Nico rits een paar minuten later de tent open en ziet alleen maar wolken, dit wordt ook nog eens opgevolgd door een bliksemflits en het besluit is makkelijk genomen: de wekker gaat om vier uur nog eenmaal.
Eenmaal vier uur hoor ik het regenen en we besluiten maar gewoon lekker te blijven liggen.
Om elf uur trekt het open en lopen we wat rond. Ik heb verkeerd gelegen en er zit een zenuw beklemd bij mijn nek, hierdoor kan ik nauwelijks lopen of bewegen. Na een pijnstiller en een uurtje slaap voel ik gelukkig stukken beter.
We besluiten alvast twee uur richting de Rimpfischhorn te lopen, om daar met bivakzakken een bivak te maken. De tocht erheen is zwaar, doordat de sneeuw erg zacht is. Na zo'n 2.5 uur ploeteren gooien we onze rugzakken neer op de rotsen
en bereiden ons voor op de klim.

Het is een schitterende nacht en we hebben mooi zicht op de Monte Rosa, Matterhorn en Rimpfischhorn. Het is mijn eerste bivak in een bivakzak en ik slaap dan ook niet erg goed.
Ik ben dan ook blij als het drie uur is en smeer snel een ontbijt voor ons beiden. Om vier uur stappen we de sneeuw in en begeven we ons over een prachtige gletsjer.
Om half 6 staan we aan het begin van de ijswand en we besluiten om de wand te soleren. Het is Nico's eerste ijswand, maar hij is vol zelfvertrouwen. Ik houd hem het eerste deel goed in de gaten,
maar hij klimt soepel en goed en halverwege klimt hij enkele meters boven me. Hoe hoger we komen, hoe harder het ijs wordt. Het is vervelende mix van sneeuw en ijs. Eerst een paar centimer losse poedersneeuw en daaronder ijs.
We merken dat de eerste tocht is en ik voel dat het me redelijk wat energie kost. Het laatste gedeelte naar de noordgraat is drytoolen en ik ben blij dat we er zijn. Nico haalt het touw al uit zijn rugzak, maar ik denk dat het niet
nodig is en begin snel met het beklimmen van het laatste gedeelte van de graat. Al snel kom ik erachter dat ik een behoorlijke fout heb gemaakt: het is veel moeilijker dan verwacht en ik kom zelfs haken tegen. Ik klim me vast en Nico
voegt zich bij me en we kijken hoe we dit kunnen oplossen. Er is nergens een plaats voor een zelfzekering en echt lekker stevig staan we niet. Ik ben behoorlijk boos op mezelf en uiteindelijk na wat gepuzzel van beiden klim ik rechts van
de graat omhoog. Ik klim snel hoger en zie Nico al snel volgen. We besluiten om toch nog aan het touw te gaan, aangezien het vrij geexponeerd is (later zouden we in een gidsje lezen dat dit het moeilijkste gedeelte van de graat was...).
Met een lopende zekering komen we uiteindelijk op de top aan. We zijn beiden blij met de eerste vierduizender van de zomer.

Er loopt totaal geen spoor en door de vele sneeuw is het erg oppassen de eerste meters. Regelmatig pak ik mijn gidsje erbij en kijk hoe we moeten klimmen.
Rechts onder de voortop komen we in een couloir en dit volgen we snel naar beneden. Het lijkt allemaal erg makkelijk te gaan, maar de laatste 5 a 10 meter van het couloir
bestaan uit rotsen met sneeuw/ijs. Ik schrik en vraag me af hoe we dit moeten oplossen. De sneeuw is de zacht om iets van een pickel erin te stoppen en nergens kunnen we een
schlinge omheengooien. We besluiten het dan maar solo af te klimmen en ik ga als eerste snel beneden. Ik vind het vrij pittig, maar het is goed te doen. Nico doet er iets langer over,
maar komt ook goed beneden.
Hierna volgt een lange terugtocht. Bij de eerste stop laat ik mijn thermoskan nog in een gletsjerspleet vallen. Hierna moeten we
weer heel het gletsjerplateau over en dit wordt een zware opgave. Zowel Nico als ik vallen regelmatig tot onze heupen in spleten en
het is een waar dolhof tussen al de spleten. De route die we 's ochtends hebben genomen, blijkt onmogelijk, doordat we niet over een spleet komen.
Als Nico erover probeert te komen breekt in een straal van een meter rondom hem al het sneeuw af. Nico reageert snel door zich plat te laten vallen. Bij een volgende poging
probeert hij erover heen te springen, maar ook daar zakt hij er doorheen. Ik zie klimmers op de Allalin ons volgen en bedenk dat zij een makkelijke terugtocht hebben.
Uiteindelijk zijn we om 6 uur bij de tent en kijken we terug op een gave tocht. We hebben op de terugtocht enkele zeer lange rustpauzes gehouden, hierdoor zijn we niet
helemaal gebroken. Na wat eten gekookt te hebben, gaan we snel slapen. De dag erna staat de Alphubel op het programma.
Zie voor foto's de fotopagina van de Rimpfischhorn.
|
|